Hondenclub Sint Lutgart
 
Hondenclub Sint Lutgart Hondenclub Sint Lutgart Hondenclub Sint Lutgart Hondenclub Sint Lutgart Hondenclub Sint Lutgart Hondenclub Sint Lutgart Hondenclub Sint Lutgart Hondenclub Sint Lutgart  
  Hondenclub Sint Lutgart Bijgewerkt op:
15-04-2015

Trainingsprogramma:

Poot   01 -- Volgen aan de leiband
Poot   02 -- Volgen in vrijheid
Poot   03 -- Terugsturen
Poot   04 -- Down
Poot   05 -- Terugroepen (brevet) met onderbreking (DP en GP1)
Poot   06 -- Houdingen
Poot   07 -- Voorstellen van de hond (enkel brevet)
Poot   08 -- Terugbrengen van een voorwerp
Poot   09 -- Lawaai en beweging (geen KKUSH)
Poot   10 -- Weigeren van lokaas (geen KKUSH)

  1  Volgen aan de leiband

A

Brevetproef
De geleiders verzamelen in front met telkens 3m tussenafstand, er worden steeds 7 slalompunten voorzien (eventueel aanvullen met kegels). Een geleider vertrekt; na een teken van de keurmeester; met de hond aan een kegel ter hoogte van de eerste geleider en gaat, in normale pas, op ongeveer 1m voorlangs de rij wachtende geleiders. De hond volgt de geleider correct aan de linker- of rechterkant, zonder daarbij het samengaan te verstoren of zich te ver van de geleider te verwijderen. De leiband wordt gedragen aan de kant van de hond, zodanig dat hij voldoende loshangt, niet hindert en geen invloed uitoefent op het volgen van de hond. De vrije arm van de geleider beweegt normaal, vrij en natuurlijk. Er mag geen apport aan de kant van de hond gedragen worden. Aan het eind gekomen wordt teruggedraaid om vervolgens in slalom tussen de rij wachtende geleiders en honden te gaan naar de plaats van vertrek. De oefening wordt afgewerkt met de hond “aan de voet”.
B
C Debutantenprogramma
Geleider en hond leggen, na het teken van de keurmeester, een aangeduid traject af die maximaal
1 hindernis, 5 richting- en 2 tempoveranderingen bevat. De hond volgt de geleider correct aan de linker- of rechterkant, zonder daarbij het samengaan te verstoren of zich te ver van de geleider te verwijderen. De leiband wordt gedragen aan de kant van de hond, zodanig dat hij voldoende loshangt, niet hindert en geen invloed uitoefent op het volgen van de hond. De vrije arm van de geleider beweegt normaal, vrij en natuurlijk. Er mag geen apport aan de kant van de hond gedragen worden.
Een volledige toer rond een of ander obstakel wordt aanzien als een richtingsverandering, een eenvoudige slalom echter niet. De oefening wordt afgewerkt met de hond “aan de voet”.
  Gehoorzaamheidsprogramma 1
Het traject bevat al dan niet hindernissen, tempo- en richtingsveranderingen.
Tijdens de wandeling moet de hond één aangeduide houding uitvoeren met de geleider bij de hond.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  2  Volgen in vrijheid
A Aanzet tot brevetproef
De honden blijven aangelijnd.
B Brevetproef
De leiband wordt verwijderd en weggeborgen, niet zichtbaar voor de hond. Na het teken van
de keurmeester legt de geleider met de hond een weg af in een rechte lijn (heen en terug) van 20m, tegen een normaal tempo, waarbij de hond de geleider correct volgt aan de linker- of rechterkant, zonder daarbij het samengaan te verstoren of zich te ver van de geleider te verwijderen. De geleider beweegt zijn armen normaal, vrij en natuurlijk. Er mag geen apport aan de kant van de hond gedragen worden. Onderweg wordt een andere geleider met hond gekruist, hond aan hond, op 2m afstand, zonder daarbij van het traject af te wijken. Omkeren wordt uitgevoerd naar keuze van de geleider. De oefening wordt afgewerkt met de hond “aan de voet”.
C Debutantenprogramma
De leiband wordt verwijderd en weggeborgen, niet zichtbaar voor de hond. Na het teken van
de keurmeester legt de geleider met de hond een aangeduid traject af zonder onnatuurlijke hindernissen die maximaal 3 richting- en 2 tempoveranderingen bevat. De hond volgt de geleider correct aan de linker- of rechterkant, zonder daarbij het samengaan te verstoren of zich te ver van de geleider te verwijderen. De geleider beweegt zijn armen normaal, vrij en natuurlijk. Er mag geen apport aan de kant van de hond gedragen worden.
  Gehoorzaamheidsprogramma 1
Het traject bevat al dan niet hindernissen, tempo- en richtingveranderingen. Tijdens de wandeling moet de hond één aangeduide houding uitvoeren met de geleider bij de hond.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  3  Terugsturen
A Aanzet tot brevetproef
De hond wordt opgeroepen net buiten de afgebakende zone.
B Brevetproef
Geleider en hond nemen plaats op een afstand van 10m van een vooraf aangeduide “plaats”, zijnde een vierkant met 3m zijde, afgebakend door 4 kegels. Op het teken van de keurmeester gaat de geleider met de hond aangelijnd naar de plaats. De hond wordt afgelijnd en de leiband mag op de grond gelegd worden. De plaats van de hond is op of naast de leiband, maar alleszins binnen de denkbeeldige zijlijnen van het vierkant. De hond mag duidelijk gemaakt worden waar zijn “plaats” is en wordt dan achtergelaten in “liggen”. De geleider roept de hond op in “zit voor” en vervolgens “aan de voet”, waarna hij wordt teruggestuurd naar de plaats.
C Debutantenprogramma
De geleider vertrekt naar de plaats met de hond in vrijheid. De leiband mag op de grond gelegd worden.
  Gehoorzaamheidsprogramma 1
De leiband wordt niet op de grond gelegd.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  4  Down
A Aanzet tot brevetproef
De afstand tussen geleider en hond is ca. 2m.
B Brevetproef
Na het teken van de keurmeester moet de hond, op bevel van de geleider, binnen de 10 seconden de “lig” (achterhand op de grond en minstens steunend op één elleboog) aannemen op een aangeduide, zichtbare plaats en moet 2 minuten ter plaatse blijven, zonder dat ze hierbij worden afgeleid of verstoord. De geleiders blijven na het aannemen van de “lig” naast hun hond wachten tot zij het bevel krijgen om naar hun aangeduide plaats te vertrekken op ca. 10m voor hun hond. De geleiders mogen zich daarbij eventueel achterwaarts verwijderen.
C Debutantenprogramma
De afstand tussen de geleiders en de honden bedraagt maximum 50m.
De geleiders mogen zich niet achterwaarts van de honden verwijderen.
  Gehoorzaamheidsprogramma 1
De plaats waar de hond de liggende houding moet aannemen en de plaats waar de geleiders zich dienen op te stellen en in welke houding, worden door de keurmeesters bepaald waarbij deze er wel op zullen letten dat de geleiders steeds de hond kunnen zien. De geleiders mogen zich niet achterwaarts van de honden verwijderen. De honden mogen worden verstoord op een in het programma passende wijze.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  5  Terugroepen (brevet) met onderbreking (DP en GP1)
A Aanzet tot brevetproef
De geleider begeeft zich met de hond aan de leiband naar de aangeduide plaats op 5m afstand.
B Brevetproef
De geleider begeeft zich met de hond in vrijheid, op het teken van de keurmeester, naar een aangeduide plaats op 30m afstand in een rechte lijn, zonder onnatuurlijke hindernissen. Aangekomen wacht de geleider om de hond een houding naar keuze te laten aannemen. Daarna keert hij terug en neemt een vooraf bepaalde houding aan. Onderweg naar de aangeduide plaats mag de geleider omkijken naar de hond en bijbevelen geven. De geleider mag zich achterwaarts verwijderen. Op 3m van de plaats waar de hond dient achtergelaten zullen de keurmeesters een duidelijke markering plaatsen. Indien de hond zich verplaatst tot voorbij dit merkteken vooraleer de geleider op de voor hem aangeduide plaats is aangekomen, wordt de hond herplaatst. Telkens op teken van de keurmeester wordt de hond opgeroepen “zit voor” en vervolgens “aan de voet” geplaatst.
C Debutantenprogramma
De afstand tussen de geleider en hond is 35m in een rechte lijn, met duidelijke merktekens voor het “onderbreken” (15m van het vertrekpunt en 20m van de geleider), zonder onnatuurlijke hindernissen. De geleider mag zich niet achterwaarts verwijderen. Op 3m van de plaats waar de hond dient achtergelaten zullen de keurmeesters een duidelijke markering plaatsen. Indien de hond zich verplaatst tot voorbij dit merkteken vooraleer de geleider op de voor hem aangeduide plaats is aangekomen, wordt de hond herplaatst. Op teken van de keurmeester roept de geleider de hond naar zich en laat deze op de aangeduide plaats (binnen 4m vanaf de markering) stoppen in een houding naar keuze. De hond moet dan 30 seconden op deze plaats blijven.
  Gehoorzaamheidsprogramma 1
De afstand tussen hond en geleider is onbepaald en kan hindernissen bevatten.
Geen herplaatsing.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  6  Houdingen
A Brevetproef
In vrij en
open veld, met de hond aan de leiband, naast of voor zich, zal de geleider de hond de voorlopige houding “liggen” doen aannemen. Vervolgens zal de geleider op aangeven van de keurmeester de hond de houdingen “zitten”, “staan” en terug “liggen” doen aannemen.
B
C Debutantenprogramma
De geleider zal op een aangeduide plaats in een vrij en open veld de hond, die volgens de richtlijnen van de keurmeesters al of niet is aangelijnd de voorlopige houding (door de keurmeesters bepaald) doen aannemen.
Daarna begeeft de geleider zich naar een aangeduide plaats op maximum 4m van de hond verwijderd en laat de hond nog twee houdingen aannemen.
  Gehoorzaamheidsprogramma 1
De aangeduide plaats voor de hond kan een hindernis of toestel zijn.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  7  Voorstellen van de hond (enkel brevet)
A Brevetproef
De geleider zal de hond, die aangelijnd is, aan de keurmeester voorstellen en daarbij de tanden en de lippen van de hond tonen. Een keurmeester zal de hond betasten terwijl de geleider hoofd van de hond mag vasthouden.
B
C

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  8  Terugbrengen van een voorwerp
A Aanzet tot brevetproef
De te werpen afstand is minstens 3m en de hond mag onmiddellijk vertrekken.
B Brevetproef
De hond bevindt zich naast de geleider in een houding naar keuze. Op het teken van de keurmeester wordt het voorwerp geworpen in een vrij en open terrein zonder hindernissen of toestellen op min. 10m voor de geleider. De hond brengt het voorwerp terug in “zit” hetzij voor of naast de geleider. Er mag een bevel gegeven worden voor de “zit”, alsook voor het afgeven. Indien de hond het voorwerp laat vallen voor de voeten van de geleider, dan mag deze het voorwerp oprapen zonder zich te verplaatsen en zonder teken van de keurmeesters. De geleider mag achteruitgaan om de hond naar zich te lokken, doch nooit een stap zetten in de richting van de hond. Indien gewenst mag de geleider van houding veranderen om de hond naar zich toe te lokken, maar enkel wanneer de hond op weg is naar het voorwerp.
C Debutantenprogramma
In het vrije en open terrein mag er gebruik gemaakt worden van maximum 3 hekken van 2m niet tegen een afsluiting geplaatst. Er moet een vrije ingang zijn van minimum 1m. Het voorwerp wordt geworpen op minimum 5m en maximum 10m voor de geleider en moet zichtbaar zijn voor de hond na het werpen. De geleider mag niet veranderen van houding of plaats.
  Gehoorzaamheidsprogramma 1
De plaats op het terrein waar het voorwerp moet geworpen worden, wordt door de keurmeesters bepaald waarbij hindernissen kunnen betrokken zijn.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  9  Lawaai en beweging (geen KKUSH)
A De geleiders verzamelen in front met de honden aangelijnd in “zit”. De keurmeester wandelt, heen en terug, voorlangs de rij op 2m afstand, waarbij hij zorgt voor lawaai en beweging.
B
C De uitvoering van de oefening wordt integraal bepaald door de keurmeester.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart

  10  Weigeren van lokaas (geen KKUSH)
A De geleider staat met zijn hond aangelijnd in “zit” op een aangeduide plaats.
De keurmeester biedt voedsel aan gedurende drie seconden op maximum 30 cm afstand.
De hond mag het lokaas niet opeten, eraan likken of ruiken, maar wel veranderen van houding zonder hierbij angstig te reageren.
B
C De uitvoering van de oefening wordt integraal bepaald door de keurmeester.

 Terug naar inhoud  Hondenclub Sint Lutgart